Je bekijkt nu Waterstofdrager maakt druktank overbodig: schone stroom opwekken op elke plek

Waterstofdrager maakt druktank overbodig: schone stroom opwekken op elke plek

  • Bericht auteur:
  • Berichtcategorie:nieuws

Stroomvoorziening zonder emissie is dankzij de vloeibare waterstofdrager hydrozine op elke plek mogelijk. Max Aerts wil met de aggregaten van zijn start-up Dens nu de wereld veroveren.

bron: AD, Hans van Zon, 20-03-2022

Ook succesvolle start-ups beginnen klein. Met een gezonde dosis toeval. Neem Dens BV, op de Automotive Campus in Helmond. Ceo Max Aerts (30) wilde eigenlijk altijd tandarts worden maar hij werd uitgeloot. “Biomedische wetenschappen in België bleek ook niet mijn ding. Toen zeiden mijn ouders: ga dan naar de Technische Universiteit Eindhoven, ga industrial design studeren. Dat bleek perfect voor mij. Ik haalde binnen drie jaar cum laude mijn bachelor. Toen kreeg ik de kans om het laatste jaar van mijn studie met een paar studenten een extra project te doen. Over de opslag van energie in de toekomst’’, zegt Aerts. “Na uitgebreid onderzoek kozen we daarbij voor hydrozine. Deze organische vloeistof is een waterstofdrager.”
In 2015 richtten ze Team Fast op. Zes maanden later presenteerden zij hun allereerste concept: een groen autootje, van nog geen meter lang. Hij reed op een nieuwe energiebron, had een ‘minivermogen’ van 25 W. De gebruikte techniek? Met duurzame energie wordt waterstof opgewekt en die wordt opgeslagen in hydrozine, met de scheikundige formule HCOOH. In tegenstelling tot waterstof heeft deze vloeistof geen druktanks nodig. Ze ziet eruit als water en bevat 53 gram waterstof per liter. Het tanken kan gebeuren zoals men nu gewend is met diesel. In het aggregaat wordt de waterstof opgewekt en in een brandstofcel meteen omgezet naar schone elektrische energie. “Heb je ooit gezien wat er gebeurt met een fles cola als je er er een mentolsnoepje in gooit? Dat gaat enorm bruisen. Dat is een beetje het proces dat in ons apparaat gebeurt”, omschrijft Aerts.


Met het aggregaat kan op elke plek schone energie worden opgewekt en kunnen accu’s worden opgeladen, van bijvoorbeeld shovels. “En dat allemaal emissieloos”, voegt de ceo eraan toe. “Er is geen uitstoot van de schadelijke stoffen die onze planeet zo veel problemen bezorgen – stikstofoxides, zwaveloxides en fijnstof. Er is geen geluidsoverlast. Je stoot nog wel CO2 uit, maar doordat we een gelijke hoeveelheid gebruiken in onze productie, werken we dus CO2-neutraal.”
De ontwikkelde techniek is het eindresultaat van een innige samenwerking tussen Aerts en Tijn Swinkels, telg van de beroemde Bavaria-familie. Hij werd ook lid van Team Fast en was binnen een halfjaar manager van het technisch team. “Het klikte meteen tussen ons. Tussen 2015 en 2018 hebben we eerst een aggregaat ontwikkeld met een vermogen van 20kW, waarmee het vermogen van ons eerste prototype meer dan 42.000 keer werd opgeschaald”, aldus Aerts. De grote stap zette het duo wel voor het blok. Wordt het verder studeren of wordt er een bedrijf gegrondvest? “Het werd het laatste. Er haakten investeerders aan, we kregen subsidies. Nu zijn we zover dat onze techniek geïndustrialiseerd is, dat we een kant-en-klaar product in de markt kunnen zetten.” Op het scherm laat de ceo vol trots een impressie zien van een nieuwe fabriek. “We gaan een productielijn bouwen om onze machine seriematig te produceren.”

Flinke weg te gaan

Voor de eerste keer blijft het in het gesprek heel even stil. “Ik had dit nooit zo vooraf kunnen bedenken. Maar we hebben nog een flinke weg te gaan. We hebben pas enkele aggregaten gemaakt, die een container als omhulsel hebben. In 2050 moeten alle verbrandingsmotoren volgens beleidsmakers weg zijn en bij alternatieven willen we een grote rol spelen. Dus moeten nog meer flinke stappen worden gezet”, zegt Aerts.
Dens BV heeft ook de wind mee. Er wordt in Europa, in Nederland, haast gemaakt met de energietransitie. “Door de verduurzaming van de bouwsector hebben we daar al voet aan de grond gekregen. We gaan de eerste aggregaten leveren aan Voorbij funderingstechniek en bouwbedrijf Heijmans, en we werken samen met onder meer F&L Powerrental en Fulltank voor de verhuur en belevering van hydrozine, zegt de jonge directeur.
Hoe gaat hij om met de huiver in de maatschappij voor het gebruik van waterstof? “We moeten heel goed blijven uitleggen dat het gebruik ervan veilig en nuttig is als het in de veilige en vloeibare hydrozine zit. Hydrozine is ook een zwak zuur, wat het minder gevaarlijk maakt dan bijvoorbeeld accuzuur. Het heeft bovendien een ‘vlampunt’ dat vergelijkbaar is met diesel. Je kunt er een brandende lucifer in stoppen, maar dan ontploft het niet.”

Transformatie

Aerts en Swinkels worden van techneuten meer en meer zakenlieden van wie grote besluiten worden gevraagd. Is dat een moeilijke transformatie? Aerts: “De samenwerking is super. Als ik slapeloze nachten heb, heeft hij die niet en omgekeerd. Er is dus altijd één constante factor. Gelukkig laten onze investeerders, onder wie Kees Koolen, succesvol geworden met Booking.com, ons ook vrij. Zij geven advies, maar willen niet samen met ons tweeën aan het stuur trekken. Investeerders zijn voor ons enorm belangrijk, want wat wij doen, is heel kapitaalintensief. Eén machine van ons heeft een waarde van tien jaarsalarissen. Al die onderdelen zelf voorfinancieren is onmogelijk voor een startende onderneming.”
Zeker ook met het groeiende team van Dens, dat met de dag groter wordt. “In de nieuwe fabriek kan straks driehonderd man werken. We zoeken trouwens nog enthousiast personeel, dat we zelf gaan opleiden. Als we het goed doen, zal de fabriek in 2025 alweer te klein zijn. Dat weten we nu al”, vertelt Aerts. Samen met Swinkels legt hij de lat hoog. De ambitie spat ervan af.
“We gaan binnenkort ook voor het eerst de grens over. We hebben onze eerste machine in de Verenigde Staten verkocht. Dat vinden we heel spannend, want Amerika is een belangrijke markt voor ons. We willen ooit groter worden dan Caterpillar (wereldwijd de marktleider op het gebied van onder meer mijnbouwmateriaal, diesel- en gasmotoren en industriële turbines, red). We richten erop dat we in 2050 een zeer significante bijdrage kunnen leveren in de energietransitie met alle waterstof die door onze machines gaat. We willen ook dat grote bedrijven als Caterpillar en Liebherr niet alleen aggregaten gaan afnemen, maar ook ons ‘motorblok’ gaan inbouwen in hun grote machines.”